Menu

Risicofactoren

Risicofactoren voor hart- en vaatziekten zijn factoren die de kans op hart- en vaatziekten vergroten.

Er zijn verschillende risicofactoren. Sommige kun je zelf beïnvloeden, andere niet. De belangrijkste risicofactoren zijn:.

  • Roken
  • Hoge bloeddruk
  • Suikerziekte
  • Weinig lichaamsbeweging
  • Ongezonde voedingsgewoonten
  • Overgewicht
  • Verhoogd cholesterolgehalte
  • Alcohol
  • Leeftijd
  • Geslacht
  • Erfelijke aanleg

Roken

Roken is slecht voor uw hart en bloedvaten. Het hart krijgt door de koolmonoxide minder zuurstof. De nicotine zorgt ervoor dat de vaatwanden kunnen beschadigen, waardoor ze stugger worden. Cholesterol en vet kunnen zich daardoor makkelijker op de bloedvaten vastzetten. Hierdoor slibben bloedvaten dicht en verhoogt de kans op het ontstaan van hart- en vaatziekten.

Hoge bloeddruk

Een hoge bloeddruk kan beschadigingen in de vaatwanden veroorzaken. Cholesterol en vet kunnen zich daardoor makkelijker op deze vaatwanden vastzetten, waardoor bloedvaten dichtslibben en de kans op het ontstaan van hart- en vaatziekten wordt vergroot.

Suikerziekte

Een hoog suikergehalte in het bloed kan beschadigingen in de vaatwanden veroorzaken. Cholesterol en vetten kunnen zich makkelijker op de vaatwanden vastzetten, waardoor de bloedvaten worden vernauwd. Dit wordt aderverkalking genoemd.

Ongezonde voedingsgewoonten

Naarmate er meer verzadigd vet en transvet in het eten zit, wordt het risico op hart- en vaatziekten vergroot. Transvet is een onverzadigd vet dat nog slechter is voor de gezondheid dat verzadigd vet. Doordat het slechte cholesterol stijgt, kunnen vetlaagjes zich afzetten in de vaatwanden. Hierdoor slibben bloedvaten dicht en verhoogt de kans op het ontstaan van hart- en vaatziekten.

Overgewicht

Overgewicht kan leiden tot verschillende gezondheidsproblemen, waaronder:

  • diabetes
  • verhoogd cholesterol
  • hoge bloeddruk

Diabetes, verhoogd cholesterol en een hoge bloeddruk kunnen beschadigingen in de vaatwanden veroorzaken. Cholesterol en vet kunnen zich daardoor makkelijker op deze vaatwanden vastzetten, waardoor bloedvaten dichtslibben en de kans op het ontstaan van hart- en vaatziekten wordt vergroot.

Verhoogd cholesterolgehalte

Tijdens het vervoeren van het cholesterol door het lichaam, nestelt het slechte cholesterol zich gemakkelijk in de wanden van de bloedvaten. Hierdoor kunnen bloedvaten dichtslibben en verhoogd de kans op het ontstaan van hart- en vaatziekten. Slecht cholesterol wordt veroorzaakt door verzadigde vetten en transvet. Transvet is een onverzadigd vet dat nog slechter is voor de gezondheid dat verzadigd vet.

Alcohol

Het risico op gezondheidsschade door alcohol hangt af van het totale gebruik en van het drinkpatroon van de drinker. Onder drinkpatroon verstaat men hoeveel alcohol iemand drinkt per keer en hoe vaak. Uit sommige onderzoeken blijkt dat een geringe en regelmatige hoeveelheid alcohol een positief effect op de gezondheid kan hebben. Dat neemt echter niet weg dat de werking van alcohol op de hartspier een slechte uitwerking heeft:

  • Alcohol remt de elektrische stromen in het hart, waardoor het samentrekken van de hartspier minder efficiënt verloopt
  • Alcohol heeft een giftig effect op eiwitten die van belang zijn voor de pompfunctie van het hart

Alcohol kan daarnaast de volgende werking hebben:

  • Verhogen van de bloeddruk
  • Verhoging van de adrenaline in het bloed. Mede hierdoor kunnen hartritmestoornissen worden veroorzaakt.

Leeftijd

Het risico op het ontstaan van hart- en vaatziekten neemt toe met de leeftijd. Naarmate men ouder wordt, wordt het daarom steeds belangrijker om de beïnvloedbare risicofactoren te vermijden. Gezonde voedingsgewoonten, een gezond lichaamsgewicht, voldoende beweging en niet roken spelen hierbij een belangrijke rol.

Geslacht

Er zijn verschillen tussen mannen en vrouwen op het gebied van hart- en vaatziekten. Zo hebben mannen op relatief jongere leeftijd een verhoogd risico op hart- en vaatziekten en krijgen vrouwen er op latere leeftijd mee te maken, vaak na de menopauze.

Erfelijke aanleg

Als u directe familieleden heeft, zoals ouders, broers en/of zussen, die voor hun 60e jaar te maken hebben gehad met hart- en/of vaatziekten, dan heeft u ook een verhoogd risico op het krijgen van hart- en vaatziekten.

Risicofactoren versterken elkaar. U heeft hierdoor een nog groter risico om een hart- of vaatziekte te krijgen.